Geloven in dankbaarheid 

 

 Het is zo easy om dankbaar te zijn wanneer je ontvangt wat je hebben wilt. Maar kan je God ook vertrouwen én danken wanneer de boel in het honderd loopt? Of wanneer je gebeden niet verhoord worden?  

Sinds december is zoon 1 bezig geweest met zijn toelating voor de opleiding mechatronica bij de marine. Informatiedagen, sporttesten, gesprekken … Overal rolde hij doorheen en zijn enthousiasme voor wat de toekomst bood groeide. 

Wat een teleurstelling was het dan ook toen middenin examentijd bleek dat er een foutje was gemaakt en de weinige plekken reeds vergeven waren. Zoonlief moest een andere opleiding kiezen maar mocht eventueel wel op de wachtlijst. 

 En wat doe je dan? De keuze viel zwaar maar we ‘gokten’ op een afvaller – hoopten en verwachtten dat God wel in een uitkomst zou voorzien. 

Niet zo netjes maar stiekem hoopten we dat iemand niet zou slagen of eea niet zou aankunnen zodat onze kleine grote man toch de opleiding van zijn voorkeur kon doen. En al benoemde ik dit wel -met enig schuldgevoel- naar God, ik kon er niet om bidden, immers dat zou een teleurstelling voor de ander zijn.  Dus maar loslaten en het van Hem verwachten, intussen het beste makend van de situatie. 

Het was mijn moeder die me afgelopen weer erop attendeerde dat ik ook anders kon bidden. Zij bad dat iemand heel bewust zou kiezen voor een andere opleiding of dat God in ieder geval iemand op een andere weg zou leiden. … Mooi hè (ik weet het, mijn moeder is een geweldig mens maar meer dan dat een fantastische bidder in geloof!)  

Door op deze wijze te bidden kreeg ik zelf meer rust in wat zou komen, en al zou er nooite een plekje vrijkomen, God zou zoonlief wel op de juiste plek zetten. 

En dan komt vandaag het bericht dat er een plekje is vrijgekomen en hij gewoon de opleiding van zijn keuze kan doen. … Hoe mooi is dat?  

Academisch verantwoord wachten …

Soms word je gewoon moe van over hoeveel schijven alles moet gaan. … via de huisarts naar neuroloog 1, naar MRI, naar neuroloog 2, naar pijnpolie die op zich laat wachten, dus dan maar van huisarts naar anesthesist, nog een keer anesthesist en nog een keer en dan toch maar door naar de orthopeed om van daaruit, via het wervelkolomcentrum naar de neurochirurg te gaan om toch nóg een laatste ‘onderzoekje’ te moeten doen voor ik, uiteraard pas na weer een vervolgafspraak, weet of en wat ze aan mijn versleten ruggenwervels kunnen doen. …  7 maanden van wachtlijsten en doorverwijzen en weer wachtlijsten. Het lijkt wel of je niet serieus genomen wordt …

In het onderwijs is het niet beter. Al maanden geef ik aan dat leerling x niet in zijn vel zit, geen aansluiting toont, emotioneel toch echt wel achter loopt op de rest … via de mentor, via de zorgcoördinator naar een extern begeleider die op zijn beurt nooit contact zoekt met de docenten op de werkvloer … Ik heb de puber al een keer bijna zien ontploffen, diverse malen schaamteloos huilend in mijn les gehad. Ik heb al gemeld dat ik, de leek, hem echt het type vind wat een keer doordraait en grensoverschrijdende agressie zou kunnen vertonen. De leerling zelf is daar ook wel bang voor…  Vandaag het nog een keer hardop gemeld “Wanneer de media hier aan de deur staan omdat er een steekpartij is geweest, sta ik niet verbaasd te kijken.” Had ik duidelijker moeten zijn? Maanden van wachtlijsten en doorverwijzen en weer wachtlijsten.  Het lijkt wel of je niet serieus genomen wordt als docent  …

Is het een trend? In dat geval: beste familie, voor uw volgende verjaardag graag maanden vooraf in drievoud melden wanneer je je verjaardag hoopt te vieren, na maanden van academisch verantwoord wachten zal ik dan laten weten hoelang de wachtlijst betreft en wanneer het me wel past. Het lijkt misschien of ik je niet serieus neem… maar dat is maar schijn hoor.

‘Gewoon’ ís ‘bijzonder’ als je er voor je puber bent…

puberWat zijn (bijna) pubers toch kwetsbare mensen… Het dringt steeds meer tot me door dat deze volwassenen-in-wording onwijs veel aandacht nodig hebben. Misschien wel meer dan bij kleine kinderen, is het van belang dat hun ouders er voor ze ‘zijn’. Natuurlijk, ze kleden zichzelf, fietsen zelfstandig naar school, smeren hun eigen brood en hebben misschien al wel een baantje. De fysieke hulp waar kleintjes niet buiten kunnen, hebben zij niet meer nodig. Voor kleintjes kan je een oppas regelen als je moet werken. Maar van de ‘groten’ verwacht menigeen dat ze het wel alleen af kunnen. Hoezeer dat praktisch ook het geval kan zijn, jonge mensen hebben de áánwezigheid van hun ouders bijzonder hard nodig!

Een poosje geleden dacht ik hier thuis (hardop) na over een fulltime baan. Na een paar dagen maakten mijn (bijna)pubers me schoorvoetend duidelijk dat ze dat niet zagen zitten. Ze willen dat ik thuis ben wanneer zij dat zijn. “Waarom?” “Gewoon, daarom”. Geen echte reden en tegelijk het allerbelangrijkste argument : Ze willen dat het ‘gewoon’ is, dat ik er voor ze ben. ‘Gewoon’ – geen uitzondering. Ik hoef niet klaar te staan met cola en een koekje – liever niet zelfs want in praten hebben ze meestal geen zin. Maar het feit dat ik er ben – dat ze iemand hebben om bij thuis te komen- dat biedt ze veiligheid. Alles om en in hun veranderd. De ouder als stabiele factor is hun enige houvast. Als er wel wat aan de hand is hoeven ze niet te wachten tot ik doodmoe thuis kom en op de bank plof voor ze me kunnen ‘lastig’ vallen met hun dingen. Ik ben er ‘gewoon’. Ze vinden het niet ‘bijzonder’ dat ik er ben. ‘Bijzonder’ in de zin van ‘uitzonderlijk’ dan.

Ok, je kan zeggen ‘Dat zijn jouw kids’ – de meeste pubers hebben niet zoveel aandacht nodig…  Nou, als ik in mijn klassen kijk zie ik dat het toch voor de meesten geldt. In mijn pauzes komen vaak dezelfde leerlingen om aandacht vragen. Meestal de kids die je ook wel ‘sleutelkind’ kan noemen. Zonder verwijt naar de ouders overigens hoor. Je – ik –  weet niet waarom het nodig is of wordt geacht… daar blijf ik van af.

… Er is 1 leerlinge waar ik  hartzeer van heb. Haast iedere pauze vraagte ze wel om aandacht. Niet negatief hoor, en ook niet altijd even lang… Of ik dat en dat programma heb gezien, deze of die film heb gekeken … Ik vond het al bijna apart dat ze met zo simpele ‘praatjes’ bij me kwam.  Vorige week vertelde ze me dat haar ouders gescheiden zijn en ze haar vader nooit ziet. Moeder werkt van vroeg tot laat, is (logisch) moe wanneer ze thuis komt en duikt vaak nog voor achten haar bed in. Zijzelf zit de hele avond alleen voor tv. Ze heeft niemand om mee te kletsen, niemand die haar een keer verwent met samen onder een dekentje een zak chips leeg te vreten. Niemand om samen te lachen om die domme filmpjes. Niemand om haar favoriete programma mee te kijken. Ze heeft wel vriendinnen. Ze heeft wel een ‘hok’ waar ze in het weekend naar toe gaat. Maar ze mist een ouder die er ‘gewoon’ ís. Iemand die voor haar zorgt.  Zegt ze zelf.  En in de pauze maak ik altijd tijd als ze komt …

Ik zie het ook bij andere leerlingen…

Dus bij deze een oproepje aan alle (bijna)puber-ouders: je zoon / dochter mag dan heel zelfstandig lijken… Ze hebben het nodig dat jij er ‘gewoon’ bent. Het lijkt misschien dat ze je voor lief nemen. Maar wees juist blij als ze dat doen. Dat betekent dat ze beseffen dat je er voor ze bent! Verwacht niet dat ze al je vragen beantwoorden. Ga niet zitten wachten tot ze thuis komen. Maar zorg wel dat je er bent. Dat je samen lacht om domme video’s. Dat je samen praat over dat wat op het nieuws gezegd werd. Dat je samen die ene domme film – die jij al 50x gezien hebt- dat je die voor de 51ste keer sámen kijkt. … Waarom? ‘Gewoon’ –  Omdat het ‘gewoon’ moet zijn dat jij er voor ze bent.  Omdat ‘gewoon’ eigenlijk heel ‘bijzonder’ is…