Let me BE

Scroll down for English translation.

De veertigdagen tijd is aangebroken. Van oudsher is dit de periode van vasten voorafgaand aan Pasen.  De datum waarop we Pasen vieren werd pas in 325 na Christus, tijdens het concilie van Nicea, vastgesteld. Ik bespaar je de achterliggende redenen. Maar het was pas rond het jaar 600 dat Paus Gregorius de Grote besloot dat 46 dagen voor Pasen de vastentijd begon. Met aftrek van de zondagen had je dan precies 40 dagen van vasten. Het is dus geen ‘bijbels’ opgelegde periode.

Toch bemerk ik via de mij bekende sociale media kanalen dat best veel christenen deze periode alsnog aangrijpen om toe te leven naar Pasen. Velen volgen een leesrooster, anderen willen meer terug naar dat échte vasten, al eten ze zelden veel minder want steeds populairder wordt het ‘sociale media vasten’. 

Het idee van dat vasten grijpt terug op het verhaal van Jezus in de woestijn. Waar hij 40 dagen lang in totale eenzaamheid rondzwierf en al vastend een strijd voerde met de duivel. Een paar dingen typeren deze periode;  totale afzondering van anderen, geen voedsel, richten op de Waarheid en God, vechten tegen verleiding.

Mag ik eerlijk toegeven dat ik het ‘sociale media’ vasten en het aanhouden van een leesrooster maar slappe aftreksels vind? Sorry als deze uitspraak schuurt.  Ik bedoel uiteraard niet dat het fout is om sociale media een poos aan de kant te zetten, of dat het geen zin heeft om een periode lang bewust stil te staan bij bepaalde Bijbelteksten…  Het zegt mogelijk meer iets over mezelf.  Ikzelf ervaar zo een periode als opgelegd en soort van een onuitgesproken verplichting.

In onze kerk lagen bij de deur boekjes klaar voor wie wat met deze periode wil. Uiteraard geheel vrijblijvend … maar ik voel dan een sociale druk, het voedt mijn idee dat ik iets ‘moet’.  Nogmaals, dat gevoel ligt mogelijk geheel aan mij. Het is echter ook die ‘druk’ die maakte dat ik toch in de bijbeljournalinggroep op Facebook een leesrooster lanceerde. Uiteraard ernstig ingekort en geheel vrijblijvend. Ik wilde er geen ophef over maken, maar toch zit ik er nu een stuk over te schrijven.

Als christen MOET je helemaal NIETS met deze periode. Je bent niet minder christen als je deze periode gewoon lekker actief blijft op social media (want let’s be honest, door de lockdown zijn sommigen al genoeg verstoken van gezelschap).  Je bent niet minder christen als je NIET vast. Als je GEEN leesrooster aanhoudt. 

Je ‘moet’ niets.  Je bent vrij.  Gewoon ‘zijn’ is al voldoende.  Laat dat even bezinken.  ZIJN. 

Jezus vraagt je niet net als Hem te worden, Hij vraagt je in Hem te verblijven en Hem te volgen. Voordat je in Jezus’ voetsporen treedt mag je eerst leren om bij Hem te ‘zijn’.

Psalm 46:11 (NBV) zegt:  ‘Staak de strijd en weet dat ik God ben.’ 

Wanneer je gaat kijken naar de Hebreeuwse woordkeuze van de originele tekst zou je ook kunnen lezen ‘verstil’.  Het Engels heeft het over ‘Wees stil’ . Het is geen passieve vorm van stil worden. Het betekent niet dat je helemaal niets meer doet. Nee, het gaat om een actieve vorm van het aan God overlaten; van het in Zijn nabijheid vertoeven; dat wat je doet is niet omdat het moet, maar omdat het voortvloeit vanuit het in Zijn nabijheid vertoeven. Gewoon ZIJN en weten dat Hij God is. Lees ook Psalm 37:7.

Als we iets doen deze vastentijd laat het dan dit zijn; dat we voor en boven alles eerst leren ‘zijn’ in Zijn nabijheid. En dat alles wat we doen daar vervolgens uit voortvloeit.

De onderstaande plaatjes zijn stickers die ik ontworpen heb. Verkrijgbaar via Lucinde. Meer praatsels en maaksels: Volg me op Instagram of Facebook.

Sticker (mijn ontwerp) verkrijgbaar via lucilight.nl

Lent has begun. Traditionally, this is the period of fasting prior to Easter. The date on which we celebrate Easter was not fixed until 325 AD, at the Council of Nicaea. I’ll spare you the reasons behind it. But it wasn’t until around AD 600 that Pope Gregory the Great decided that Lent would begin 46 days before Easter. Without the Sundays, you then had exactly 40 days of fasting. So it is not really a “biblically” imposed period.

Yet I notice through my social media channels that quite a lot of Christians still use this period to contemplate towards Easter. Many follow a reading schedule, others want to get back to that real fasting, although they rarely eat much less because “social media fasting” is becoming more and more popular.

The idea of ​​that fasting harks back to the story of Jesus in the desert. Where he wandered in total solitude for 40 days, fasting and battle with the devil. A few things characterize this period; total isolation from others, no food, focus on Truth and God, fight temptation.

Can I be brutally honest for a sec and admit that I find it lame to social media-fast and feeling obligated to keep a reading schedule? Sorry if this statement hurts and itches. Of course I don’t mean that it is wrong to put social media aside for a while, or that it makes no sense to dwell on certain Bible texts for a period of time … The way I feel about it says more about myself. I myself experience such a period as imposed and sort of as an unspoken obligation.

In our church there are booklets at the front door for those who want to follow a decent readingplan this period. Of course completely without obligation… but when I saw them  I kinda felt a social pressure, it feeds my idea that something “must” be done. Again, that feeling may be entirely my own. However, it’s also this “pressure” that made me launch a reading schedule in the Dutch bible journaling group on Facebook. Obviously severely shortened and completely without obligation. I didn’t want to make a fuss about it, but I’m still writing a piece about it now. So the pressure is real.

As a Christian you ARE NOT OBLIGATED to do ANYTHING with Lent. You are no less a Christian if you just stay active on social media during this period (because let’s be honest, during the lockdown, some are already devoid of company enough). You are not less a Christian if you DON’T fast.  Or When you do NOT keep a reading schedule.

You “must” do nothing. You are free. Just “being” is enough. Let that sink in for a moment. TO BE.

Before you follow in Jesus’ footsteps, you may first learn to “be with him”.

Psalm 46:11 (NIV) says, “BE still and know that I am God.”

Being still is not a passive form of becoming silent. It doesn’t mean you don’t do anything at all anymore. No, it is an active form of leaving it to God; of just ‘being’ and staying in His presence, and what you do is not because you have to, but because it flows from staying and being in His presence, in HIM. Also read Psalm 37: 7

If we do something this Lent. Then let it be that; that we learn to “be” in His presence before everything else. And that everything we do flows from it. Just BE .  

Want to see and hear more? Follow me on Facebook or Instagram!

Stickers and printables available via lucilight.nl

Under the fig tree

(Nederlands: scroll naar beneden)

𝐔𝐧𝐝𝐞𝐫 𝐭𝐡𝐞 𝐟𝐢𝐠 𝐭𝐫𝐞𝐞, 𝐈 𝐬𝐚𝐰 𝐲𝐨𝐮. ⁣

John 1:48 ⁣


It is possible Nathanael liked to pray and meditate upon God and His word under the shade of an actual fig tree. Yet, 𝘶𝘯𝘥𝘦𝘳 𝘵𝘩𝘦 𝘧𝘪𝘨 𝘵𝘳𝘦𝘦 was a phrase Rabbis used to describe meditation on the Scriptures. ⁣

In the bible, the fig tree is also a symbol for peace (with God). ⁣

So when Nathanael asks ‘How do you know me?’ Jesus is saying a lot more with this one sentence than just ‘𝐈 𝐬𝐚𝐰 𝐲𝐨𝐮’. ⁣

He noticed Nathanael was contemplating on God’s Word, possibly seeking peace with God… because He was there with him. With these words Jesus reveals himself and Nathanaels eyes are opened: “You are the son of God, the King of Israël.” ⁣

When God looks down from heaven. He knows what’s in your heart. He knows what’s troubling you. He sees you. And wants to give you peace. ⁣



Johannes 1:48 ‘𝐈𝐤 𝐳𝐚𝐠 𝐣𝐞 𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫 𝐝𝐞 𝐯𝐢𝐣𝐠𝐞𝐧𝐛𝐨𝐨𝐦’ ⁣

Het is goed mogelijk dat Nathanael daadwerkelijk onder een echte vijgenboom zat… maar de uitdrukking ‘𝘰𝘯𝘥𝘦𝘳 𝘥𝘦 𝘷𝘪𝘫𝘨𝘦𝘯𝘣𝘰𝘰𝘮 𝘻𝘪𝘵𝘵𝘦𝘯’ betekende ook zoveel als ‘de Thora overdenken’. ⁣
In de bijbel staat de vijgenboom ook herhaaldelijk symbool voor vrede (met God). ⁣

Dus wanneer Nathanael aan Jezus vraagt ‘Hoe ken je mij’ zegt Jezus met dit ene zinnetje veel en veel meer. ⁣

Jezus zegt eigenlijk indirect dat Hij erbij was toen Nathanael de schrift aan het bestuderen was. Dat hij zag hoe Nathanael aan het nadenken was over – mogelijk- zijn vrede met God. Want hoe kon Hij anders weten wat Nathanael aan het doen was? Dat is de reden waarom Nathanael in verwondering uitroept “𝗪𝐚𝐚𝐫𝐥𝐢𝐣𝐤 𝐔 𝐛𝐞𝐧𝐭 𝐝𝐞 𝐳𝐨𝐨𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐆𝐨𝐝.” ⁣

Wanneer God naar jou kijkt, ziet hij waar je mee worstelt. Hij ziet waar je mee zit. Hij is erbij. En Hij wil je vrede geven. ⁣

Meer in de #bomenindebijbel challenge vind je op de site van @bettuelle . ⁣ Meer van mijn maaksels in deze challenge vind je op mijn instagram.

Bright

(Scrol naar beneden voor NL)

𝐈𝐧 𝐭𝐡𝐞 𝐛𝐞𝐠𝐢𝐧𝐧𝐢𝐧𝐠 𝐰𝐚𝐬 𝐭𝐡𝐞 𝗪𝐨𝐫𝐝, 𝐚𝐧𝐝 𝐭𝐡𝐞 𝗪𝐨𝐫𝐝 𝐰𝐚𝐬 𝐰𝐢𝐭𝐡 𝐆𝐨𝐝, 𝐚𝐧𝐝 𝐭𝐡𝐞 𝗪𝐨𝐫𝐝 𝐰𝐚𝐬 𝐆𝐨𝐝.⁣

John1

Today my hubby @jurgen_lindenhols preached about the way these verses in John 1 tell us about the meaning and importance how God, in Jesus came down to be with us.

Christmas is different this year. We all spent time in our own ‘bubble’… but the one thing we can rest assured about; the child came down to be with us. In our own bubble. Darkness outside. Light within.

Dear everybody… I wish you a very merry Christmas with blessing of Jesus the Child in your bubble.

May your days … and the days to come be bright. Brighter than ever before.

😘

Vandaag sprak @jurgen_lindenhols over de manier waarop deze woorden uit Johannes 1 ons iets leren over de betekenis en het belang van hoe God, in Jezus, neerdaalde om bij ons te zijn. Kerstmis is dit jaar anders. We brengen allemaal tijd door in onze eigen ‘bubbel’ … maar het enige waar we zeker van kunnen zijn; het kind kwam naar deze aarde om bij ons te zijn. Bij ons in onze eigen bubbel. Duisternis buiten. Licht van binnen.

Beste allemaal … Ik wens jullie een hele fijne kerst met de zegen van Jezus het Kind in jullie bubbel. Mogen je dagen … en de dagen die komen, helder zijn. Helderder dan ooit tevoren.

Wie of wat is jouw boom? Who or what is your tree?

(English translation: scroll down!)

Vermoeid slofte hij door het palmbos. De zon stond hoog aan de hemel en brandde vervaarlijk, maar hier in de schaduw van de dikke laag vlezige bladeren was het relatief koel. Op een broeierige manier dan, maar in ieder geval niet zo heet als op het open pad richting de stad. Het opwaaiende stof van de weg kleefde aan zijn nieuwe rode sandalen en kroop in elk huidplooitje van zijn tenen. Dat zijn voeten nog geen twee uur geleden zorgvuldig waren gewassen en geolied door de huisslaaf van Marcellus was niet meer te zien.

Hij zuchtte. Het was een vermoeiende vergadering geweest. Zoals gewoonlijk waren dezelfde grapjes over zijn gestalte weer over tafel gevlogen en had hij net als altijd schaapachtig mee gelachen, alsof het hem niet deerde. Maar dat deed het wel. Maar geen haar op zijn hoofd wat er aan dacht om ook maar iets van zijn pijn of frustratie te laten merken.  Ze konden lachen wat ze wilden, maar hij was het die hen orders gaf, niet andersom.

De zachte bries die het bladerdek boven hem deed ruisten tilde de zware geur van de balsem bossen verderop met zich mee. Normaal gesproken kon hij wel genieten van dat luxe parfum wat de rijkdom van zijn stad benadrukte. Maar vandaag deed al die rijkdom hem niets.  Zelfs de rozentuinen waar hij, op weg naar huis, doorheen liep, konden zijn ogen niet strelen.

Hij was moe.. Hij was hét moe. Hij was het spuugzat dat niemand ook maar enig respect voor hem kon opbrengen. Het interesseerde niemand hoe hij zich voelde, wat al dat gepest en al die achterklap met hem deed.

Het was altijd al zo geweest.  In zijn kinderjaren was al snel duidelijk geworden dat hij niet goed groeide. Naar traditie had het hele dorp gedacht dat zijn gebrek kwam omdat God een appeltje met hem te schillen had en langzaam aan, naarmate de jaren vorderde werd hij steeds meer gemeden, werd er steeds meer achter zijn rug om gekletst. Het had niet lang geduurd voor hij door had gehad dat hij er in het leven helemaal alleen voor stond. En dus had hij geleerd dat hij vóór alles vooral aan zichzelf moest denken. Als hij niet voor zichzelf opkwam, wie dan wel?  Dus had hij zich opgewerkt, niet door zich af te beulen in de balsemgaard, niet door zware handarbeid in 1 van de vele tuinen,..  hij had zijn kansen schoon gezien toen de Romeinen hem ronselden. En hij had de mensen in zijn stad teruggepakt voor al die pesterijen. Ze hadden in zijn lengte een zonde gezien, een zondaar zou hij ze geven. En nu was hij rijk en had het helemaal gemaakt. Nouja, financieel gezien dan. Want niemand wilde vriendjes zijn met een tollenaar. En al helemaal niet met de baas van al die lijkenpikkers.  De roddel en achterklap was nooit opgehouden en dus ging ook hij door met zijn sluwe handel en afpersing. Het ene kwaad hield het andere in stand.

Hij was in ieder geval rijk, maar had niemand om zijn rijkdom mee te delen. Te midden van de menigte van deze oeroude stad was hij alleen. Eenzaam tot op het bot, en dat allemaal omdat hij zo gebrekkig klein was gebleven…

“Kom op, sneller, straks is Jezus alweer weg! ” Twee straatschoffies stoven hem voorbij richting de poort van de stad, vrolijk gillend naar elkaar. Jezus? Kwam Jezus naar Jericho?  Zacheüs versnelde zijn pas, hij had al zoveel gehoord over deze wonderlijke man. Het werd steeds drukker op de weg. Snel sloeg hij een achterafpaadje in, in de hoop om via wat steegjes de menigte te kunnen vermijden.  Zijn korte benen droegen hem zo snel hij kon.  Als hij nou maar een glimp van Jezus zou kunnen opvangen.  En net op het moment dat hij bedacht dat zijn ellendige korte gestalte hem zelfs het zicht op deze rabbi zou ontnemen zag hij de grote Esdoorn aan de kant van de weg.

Even twijfelde hij, het was ver beneden alle waardigheid voor een man van zijn positie … hij besloot dat het hem niet kon schelen… Met zijn gebrek en met al die mensen die hem toch al niets gunden zou hij Jezus nooit te zien krijgen wanneer hij niet als een kind die boom inkroop.  Mensen dachten toch al te min over hem dus dit kon er nog wel bij. Hij had de boom nodig om op Jezus te kunnen zien. En dus hees hij zich tak voor tak omhoog en verstopte zich in het bladerdak.

En Jezus zag hem. Niet gewoon een vluchtig kijken. Jezus zag hem echt. En Hij noemde hem bij naam alsof Hij hem echt kende. Jezus kende hem. En meer nog; Jezus las hem niet te les, gaf hem niet op zijn sodemieter,  veroordeelde hem niet zoals de rest van de stad … Jezus wilde bij hem komen eten. Niet zomaar even een praatje maken, maar echt even samen zijn. Zacheüs wist niet hoe hij het had.  Zo snel zijn benen konden klom hij uit die boom.  …

Met de komst van rabbi Jezus werd de vicieuze cirkel van uitsluiting en uitbuiting doorbroken. Het enige wat Zacheüs altijd al wilde werd hem gegeven; hij werd gezien. Niet zijn buitenkant. Jezus zag wie hij diep van binnen was en wat hij werkelijk nodig had; een klein vrijgevig jongetje wat erbij wilde horen. Hij was niet langer alleen. Jezus was bij hem. Hij kon eindelijk zijn wie hij werkelijk was. Het verleden deed er niet meer toe. Geld, welvaart en status werden onbelangrijk. En dat allemaal doordat hij het lef had gehad om, ver beneden alle waardigheid, toch in die boom te klimmen, zoekend naar een kans om op Jezus te kijken.

Wie of wat is jouw boom die je helpt om op Jezus te kijken?

(Lukas 19:1-10)

(Meer bijbeljournaling of andere creativiteit van mijn hand: volg me op instagram, facebook of youtube. )

Tired as he was, he shuffled through the forest. The sun, high in the sky was burning dangerously, but here in the shade of the thick layer of palm leaves it was relatively cool. In a sweltering way, but at least not as hot as on the open path towards the city. Blown up dust from the road clung to his new red sandals and got into every fold of skin on his toes. Less than two hours ago his feet had been carefully washed and oiled by the house slave of Marcellus, well it didn’t show anymore.

He sighed. It had been a tiring meeting. As usual, the same jokes about his stature had flown across the table and he had, as always, laughed sheepishly, as if it didn’t hurt him. But it did. But not for a brief moment he thought about showing any of his pain or frustration. They could laugh at whatever they wanted, but it was he who bossed them around, not the other way around.

The gentle breeze that rustled the foliage above him lifted the heavy scent of the balsam groves. Normally he could enjoy the luxurious perfume that emphasized the wealth of his city. But today all that wealth didn’t bother him. Even the exquisite rose garden on his way home couldn’t caress his eyes.

He was tired. It tired him to the bone that no one could show him any respect. Nobody cared how he felt, what all the bullies and all that backbiting did to him. It had always been like this. As soon as the villagers noticed that he didn’t grow as he should’ve as a child they had mocked him. Traditionally, the whole village had thought that his lack of posture was because God was punishing him because of a sin, and slowly, as the years went by, they avoided him more and more, talking behind his back.  It hadn’t taken him long to realize that he was all alone. And so he had learned to take care for himself. If he didn’t stand up for himself, then who would? So he had worked his way up, not by tormenting himself in the groves, not by hard manual labor in the many gardens … he had seen his chances when the Romans recruited him. And he started to punish the people in his town for all the years of harassment. They had seen a sin in his height, a sinner he would give them. And now he was rich and wealthy. Well, financially. Because nobody wanted to be friends with tax collectors. And certainly not with the boss of those corpse picks. The gossip and backbiting never stopped, so he continued his cunning trade and extortion. One evil perpetuated the other.

He was rich, but had no one to share his wealth with. He was alone in the crowd of this ancient city. Lonely to the bone, all because he was so imperfectly small …

“Come on, faster, or Jesus will be gone again! Two street bastards rushed past him towards the gate of the city, happily screaming at each other. Jesus? Did Jesus come to Jericho? Zacchaeus quickened his pace, he had already heard so much about this wonderful man. The roads got busier. He quickly turned into a back alley, hoping to avoid the crowd through some alleys. His short legs carried him as fast as he could. If only he could catch a glimpse of Jesus. And just as he thought that his wretched short stature would block even the view of this rabbi, he saw the huge sycamore tree on the side of the road.

For a moment he hesitated, it was far below the dignity for a man of his position … but in the moment he decided he didn’t care any longer  … The town couldn’t care any less and he would never see Jesus when he wouldn’t crawl in that tree like a child. People thought too little about him anyway so this could be added to their list. He needed that tree to be able to look upon Jesus. And so he pulled himself up branch by branch and hid in the canopy of leaves.

And Jesus saw him. Not just a cursory look. Jesus really saw him. And He called him by name as if He really knew him. Because He really knew him. And even more; Jesus did not lecture him, did not give him a fuss, did not condemn him like the rest of the city… Jesus wanted to eat with him. Not just having a chat, but really being together. As fast as he could, he climbed out off that tree. …

With the arrival of Rabbi Jesus, the visual circle of exclusion and exploitation was broken. The only thing Zacchaeus always wanted was to be seen. Not just his outside. Jesus saw who he was deep down and deep within and noticed what he really needed; Jesus saw the little generous boy who wanted to belong. From that moment he no longer was alone. Jesus was with him. Finally he could be who he really was.

And it all started because he had the guts to climb that tree in the hope to be able to see upon Jesus.

Who or what is your tree that helps you to see upon Jesus. Do you have the guts to climb it?

Luke 19:1-10

(More (bible)creativity from my hand: follow me on youtube, facebook or instagram.)

Wees geen underdog

Vanmiddag zou de inzegeningsdienst geweest zijn (hubby start in Parousia Zoetermeer als voorganger)… maar door Corona en alle nodige maatregelen kon het niet doorgaan.

Dus vanmorgen tijdens de livestream werd er even kort voor ons als ‘voorgangersstel’ gebeden. (En eerlijk: dat vind ik meer dan prima- het groots opgezette met veel aandacht hoeft voor mij niet persé, al begrijp ik ook dat het om iets gaat wat voor de hele gemeenschap van belang is. We zijn bedolven onder de lieve snailmail en attenties van gemeenteleden. Dus – mij hoor je niet klagen!!)

Voor mijn gevoel voelde het vanmorgen onwennig en rommelig (zonder dat ik t negatief bedoel) dat zie ikzelf terug in mijn aantekeningen.
Dit omdat ik aan het begin van de dienst mee voor de camera moest (en dat stiekem liever niet wilde 🙈)… er daarna diakenen werden ingezegend … er daarnaast ook avondmaal was … al die camera’s en apparatuur wat stond te draaien (en mij afleidde ondanks dat ik zo min mogelijk rondkeek) .. iemand die vaak heen en weer liep (geen kritiek; we hebben oplettende regelaars nodig!) … dit gebeurt gewoon behind the scenes als je aanwezig bent bij de ‘making of’ van een livestream.

Hoort er dus allemaal bij zullen we maar zeggen. 🤪

Dus mn aantekeningen zijn onvolledig en rommelig. Maar dat is ok. Het gaat bij #preekaanTEKENINGen niet om ‘alles’ te horen en te kunnen noteren. Het gaat om precies dát te horen wat God tegen jou (mij) zegt en om daar met een betere focus naar te luisteren, ondanks omstandigheden.

En ach, wat is rommelig? Het is hooguit een reflectie van hoe je iets zelf ziet of ervaart. De 1 zegt rommel, de ander heeft overal ideeën liggen en een derde vind het een georganiseerde chaos of complexe orde. Maar God kijkt en spreekt daar dwars doorheen.

Wat er vanmorgen voor mij qua boodschap uitsprong?

“Laat niet op je neerkijken, maar word niet hoogmoedig. Wees nederig zonder de underdog te worden.”

Flip through

Een kijkje in 1 van mijn bijbels. In januari 2019 begon ik in deze bijbel te journalen. (Ik journal echter in 4 verschillende bijbels en een notitieboek – elk met net weer andere stijl)

A look in one of my bibles. In this one I started journaling in Januari 2019. But I journal in 4 different bibles and a notebook. Each has its own style.

don’t feed the fears

(Scroll naar beneden voor Nederlands)

We have a God that doesn’t do ‘a pie in the sky’ kinda promises! We have a God that is near, honest, strong and helpful even in ways we can’t imagine.

Our victory isn’t about beating war cancer or Corona… our victory isn’t assured because of how great we lead or handle or heal… our victory is assured because God is with us. He, the Almighty one, goes above and beyond to be with us. We are never alone. We never have to face our struggles alone.

So in Joshua 1:1-9 God’s people faced the problem of having no leader, no land, no safe haven… the land was given and God certainly could have simply eliminated all their enemies with a mere thought; but He calls them into partnership with Himself to see His will done.

And so God called Joshua to lead them. He was called to boldness in God. Even a great leader like Joshua needed encouragement. Not because of a low self esteem or a lack of self-confidence but because of a growing God-confidence.

To grow in God-confidence we must focus on God. Follow His lead (and law).

Do NOT be frightened…For the LORD your God is with you wherever you go: The final encouragement, repeated from Joshua 1:5, reminds us that Joshua’s success did not depend solely on his ability to keep God’s Word. It depended even more on God’s presence with him.

These days of self-isolation and worrying news messages… focus on God and your God-confidence.

Don’t feed the fears but drink in His love and feed yourself with the hope He has given and still is giving in His presence.

(The drawing is inspired by different photo’s online. The little ‘Hope’ bottle is an idea I got from this Dutch website eyespired.nl).

Feel free to use this drawing as a printable- but when posted on social media: please tag me (and eyespired). + only for personal use; no spreading or making money out of it.

More #biblecreative on my instagram.

We hebben een grote God die niet aankomt met loze beloften. Onze God is dichtbij, altijd aanwezig, sterk en hulpvaardig.

Onze kracht of overwinning bewijst zich niet in het winnen van een oorlog, in het verslaan van kanker of Corona… onze overwinning is niet gebaseerd op hoe we herstellen, leiden of hoe goed we de dingen zelf aanpakken… onze overwinning ligt in het feit dat God nabij is. Hij, de Almachtige, gaat verder dan ver om bij ons te kunnen zijn en blijven. We zijn nooit alleen. Geen enkele worsteling hoeven we ooit alleen in de ogen te kijken.

In Jozua 1:1-10 zien we God’s volk – zonder leider, zonder land, kijkend op de belofte die ze hadden gekregen maar nog niet hadden toegeëigend. God had het land al beloofd en Hij had heel gemakkelijk met een knip van zijn vingers alle vijanden van de kaart kunnen vegen. Maar dat deed Hij niet. Hij wilde dat een partnerschap met het volk. Samen.

En dus riep God Jozua. Zijn leven lang was hij assistent geweest, nooit zelf de leider. En God roept hem op moedig te zijn. Niet omdat Jozua een gebrekkige eigenwaarde had. Mozes had hem waarschijnlijk niet voor niets als assistent. Maar God wilde dat hij moed putte uit Hem. Uit Zijn kracht. Jozua moest niet zozeer zelfzeker en zelfbewust zijn maar zeker van God en bewust van Hem en Zijn aanwezigheid.

Om te groeien in een Gods-bewustzijn en in het zeker zijn van Hem en Zijn hulpvaardige aanwezigheid is het noodzakelijk dat Jozua (en wij) zich focust op God en wat Hij wil (zijn wet).

Wees niet bang – staat er – want God is altijd nabij.

Jozua’s succes was echter niet alleen of vooral afhankelijk van zijn focus, zijn vermogen om zich aan de regels te houden. Het was vooral afhankelijk van God’s aanwezigheid.

In deze tijden van zelf-isolatie, social distancing en zorgwekkende nieuwsberichten mogen – moeten- we ons des te meer focussen op Hem. Zodat we niet onze angsten voeden maar ons vertrouwen in Hem.

Voed je met Zijn liefde en drink de hoop die Hij je geeft. Want Hij is nabij. Hij is sterk en moedig in onze plaats- waar we dat zelf niet zijn.

(Tekening geïnspireerd door diverse foto’s. Het kleine hoop-flesje is getekend naar een foto die ik zag op eyespired.nl)

Je mag mn tekening prima als printable of kleurplaat gebruiken maar enkel voor persoonlijk gebruik- niet ter vermenigvuldiging of met winstoogmerk. En wanneer je deelt op social media vergeet me (en eyespired) niet te taggen).

Meer #biblecreative verwerkingen vind je op mijn instagram.

Prepare for battle

(Scroll down for English)

Het paard wordt gereed gemaakt voor de strijd. De overwinning hangt af van de Heer.

Spreuken 21:31

In de tijd van deze schrijver vormden paarden een belangrijk element tijdens oorlog. Het gebruik van goed getrainde paarden kon de overwinning bepalen.

Maar een paard kon niet ongetraind aan een slag meedoen. Het moest intensief getraind en opgeleid worden.

Vergelijk het ook maar eens met de paarden die door de politie worden ingezet, of voor prinsjesdag. Voordat ze mee kunnen lopen in de drukte van de stad moeten ze leren omgaan met die drukte, met het lawaai, met onverwachte schrikmomenten. Een ongetraind paard in die situatie zou zelfs een extra gevaar opleveren.

Zo wil de schrijver van deze spreuk ook duidelijk maken dat je niet onvoorbereid de strijd in kunt gaan. Je moet leren omgaan met de middelen en mogelijkheden die je ter beschikking staan. Oefenen, trainen, hard werken.

Maar zelfs al heb je dat allemaal gedaan en win je de strijd: dan nog komt de eer aan God toe.

Jij moet je voorbereiden maar Hij is het die de overwinning geeft.

(Paard is 1 van m’n aquarels die momenteel als sticker te verkrijgen zijn bij @lucinde. )

Proverbs 21:31

The horse is prepared for the day of battle,

But deliverance is of the Lord.

The horse is prepared for the day of battle: In the days these proverbs were written, the effective use of the horse in the war could be overwhelming against the enemy. These horses had to be trained; it was wise to prepare the horse for the day of battle.

But deliverance is of the Lord: Though it is wise to make the best preparations for battle, ultimately one should not trust in horses or preparation, but in God Himself. Deliverance is of the Lord, not only of horses and preparation.

“We often give the credit of a victory to man, when they who consider the circumstances see that it came from God.”

(Sticker available at http://www.lucilight.nl)

Raven

English translation: scroll down!

Wat ik vandaag leerde van Elia in 1 Koningen 17


1: hij stond voor een dreigende koning maar was zich meer bewust van de grotere Macht dan van welke aardse groothejd dan ook. Zo mogen ook wij ons meer bewust zijn van Gods aanwezigheid wanneer we onze uitdagingen aangaan.

  1. Soms stuurt God je niet naar een volgende uitdaging… soms zegt hij simpelweg ‘Mijn kind, het is nu even geen tijd meer voor drukte, openbaarheid, doen of gehaast… nu is het tijd dat je je een poosje terugtrekt, op adem komt, je je door Mij laat verzorgen… even back to basics!”
  2. Soms moeten we net als Elia ons weer even leren focussen op de geest van Gods wet en niet op de letter ervan. God laat zich niet begrenzen door onze traditionele ideeën van wat goed of fout is, rein of onrein of van wat wij denken dat ‘hoort’.
  3. De beek droogde uit vlak voor Elia’s ogen: God wil dat we op Hem vertrouwen, niet op zijn voorzienende geschenken…

Ik maakte gebruik van Jane Davenport krijtjes (net als Gelatos) en stencils; te verkrijgen bij @lucinde. De kraai waterverfde ik op een apart vel en knipte/plakte ik.
Ik hou de tekst graag leesbaar: dus de plaksels over de tekst maakte ik vast met 2 aan elkaar gelijmde post-it blaadjes: zo haal ik ze er ook makkelijk weer af!

Lessons from Elijah in 1 Kings 17;

  1. When he stood before king Ahab; he was more conscious of the presence of someone greater than an earthly king… as should we when we face out challenges.
  2. Sometimes God fatherly says ‘There, my child, you’ve had enough of this hurry and publicity and excitement… hide yourself by the brook I show you and let me feed you for a while…’
  3. The ‘unclean’ ravens brought his food… As Elijah we sometimes need to put away traditional ideas of clean/ unclean, wrong/ right, so God can emphasize on the spirit of the law before the letter of the law.
  4. But the brook dried up; God wants us to trust Him, not His gifts…

I created the background of this page with Jane Davenport crayons and stencils I got from @lucilight

The raven I watercolored, cut and pasted on top. With a micron fineliner I added my thoughts.

Sterven is winst

(Bij Fillipenzen 1:21)

Mijmerend staarde hij voor zich uit. De grond onder hem voelde klam en koud. Aan de muren kleefde een benauwde duisternis. De lucht was zwaar en broeierig. In de gang weerklonk het zachte gejammer van een opgesloten en gekwelde ziel. Rammelende sleutels vergezelde het weerkaatsende gestamp van een van de bewakers. In de verte hoorde hij het geratel van vele handkarren en de kakafonie van handelende verkopers. Zijn gedachten dwaalden naar de marmeren straten en het eeuwige gekrioel van de zonovergoten markt. Het naderende onheil van een executie hing hem zwaar boven het hoofd. Toch kon de duisternis hem niet raken. Hij had onverwacht de ware helderheid van Geest ontvangen en ervoer een vurigheid die hij nooit voor mogelijk had gehouden.

Zelfs in deze roerige en onrustige tijd, hier in de gevangenis, overheerste in hem een diepe vrede. Voorzichtig maar niet onzeker hief hij met zijn donkere bariton een loflied aan. Even bestonden er geen donkere muren, was de realiteit van deze plek slechts een verre illusie, was er geen knagende honger, vluchtte elke vorm van angst. Een geladen stilte daalde neer, geluiden om hem heen verstomden.

Hij was dankbaar. Ook wel enigszins teleurgesteld. Misschien een tikkeltje weemoedig. Berustend. Er waren christenen en gristenen; medegelovigen die met een oprecht verlangen en met volle inzet hetzelfde nastreefden als hij, maar er waren ook gelovigen die hun oude natuur van competitie en rivaliteit nog niet hadden kunnen afleggen. Ergens begreep hij ze wel. Maar ook weer niet. De oude ‘Paulus’ zou heetgebakerd allerlei verwijten hebben uitgekraamd. Zijn ‘oude ik’ zou zich in de steek gelaten voelen, ongewaardeerd, mogelijk zelfs in de rug gestoken. Maar hij had het Licht geproefd en berustte. Niet dat hij opgaf. Dat nooit. Hij rekende het ze gewoon niet aan. Ergens voelde hij misschien wat verdriet, treurde hij om de houding en vooral om de gemiste kansen die ermee gepaard gingen . Maar Hij was boven alles dankbaar, want God had hem zoveel gegeven, zoveel laten zien, zoveel vergeven.

Natuurlijk vond hij het als mens moeilijk dat er over zijn hoofd heen geprofiteerd werd van zijn gevangenschap. Dat er gristenen waren die –soort van- blij waren dat hij even uit beeld was zodat ze zelf in de spotlights konden staan. Onbedoeld hadden zijn positie en bekendheid ervoor gezorgd dat anderen zich met hem gingen vergelijken. Er was een jaloersheid ontstaan en een wedijver. En al was het maar een klein groepje, hun ongenoegen had luid genoeg geklonken. Het had zelfs anderen geïnfecteerd.

De roddels waren hem wel vaker ter ore gekomen. Het had hem echter totaal niet geïnteresseerd of hij technisch goed kon preken, of hij wel welbespraakt en geleerd genoeg overkwam. Of hij meer of minder Hebreeuwse woorden gebruikte…Hoe vaak hij bij wie op visite ging…

Daar draaide het toch niet om? Maar blijkbaar had het anderen wel wat uitgemaakt. En nu hij gevangen zat werd het niet onder stoelen of banken gestoken dat er ook betere opties dan hem waren, dat hij zo zijn fouten had. Laag was het. Zielig.

Maar wat maakte het uit? Wat maakte het uit wie op de voorgrond stond? Als er maar gepreekt werd! Als er maar mensen werden bereikt met de meest grote, mooie en waardevolle boodschap ooit! En dus, alle weemoed ten spijt, ervoer hij vooral vreugde en dankbaarheid. Als hij dit alles zou overleven; dan leefde hij niet voor de goedkeuring van andere christenen. Hij leefde met volle inzet voor Christus! Zou hij sterven; dan was dat winst. Want hij wist waar hij na zijn dood zou opstaan.

Paulus sloot zijn ogen. De muren hoorden zijn zachte doch vastberaden gefluister;

“Want voor mij is leven Christus en sterven winst.”

(Ik maakte de tekening met pastelpotlood en verwerkte hem daarna in mijn bijbel. De letterstickers, kruis-stencil en inkt kan je vinden in de webshop van @lucinde. Ze verkoopt ook diecuts, gemaakt van mijn tekeningen en prachtig faith papier; handig wanneer je met een scrapbook stijl zoals op de bovenste foto wil biblejournalen. Biblejournalen vereist dus totaal geen tekentalent!

GRATIS: Wanneer je deze maand wat via Lucinde haar webshop bestelt ontvang je gratis een printable met onder andere ‘mijn’ Paulus. (Zie foto hieronder.) Andere printables kan je er voor slechts 1€ aanschaffen!

Meer van mijn maaksels vind je op instagram. Vragen over hoe ik eea maak of heb tips nodig: neem gerust contact op via instagram of het contactformulier!

(This time no translation – please comment, contact or email me when you really want to receive an English translation other than google translate 😉)